Categoriearchief: Quilten – alles

Quilt voor Nander

Vorig jaar zomer vroeg mijn schoonzoon of ik voor hem een quilt wilde maken. Een bijzondere vraag, aangezien mijn nageslacht en hun partners niet veel op hebben met quilts.
De bedoeling was een zomerquilt, waar je lekker onder kunt slapen in de zomer. Puur katoen, met een katoenen vulling.
De top heb ik op het quiltweekend in maart gemaakt. De afwerking, randen erlangs en het doorquilten heb ik gisteren afgerond.
Afmeting 225×150 cm.
Het patroon komt uit het boek ‘Rainbow quilts for scrap lovers’ van Judy Gauthier.

Jeugdherinneringen

Het Quiltersgilde heeft voor 2023-2024 een spannend project uitgeschreven, van tekst naar quilt.
Je neemt een tekst, quote, gedicht, en gaat ermee aan de slag om er een quilt van te maken. Hierbij word je gekoppeld aan een ‘maatje’, waarbij je – voor je met de quilt begint – allerlei gedachten over het thema gaat delen.
Mijn eerste plan was: “De uil met zeven zuurtjes” (volledige tekst) van Diet Huber.
Om deze – volledige – tekst te mogen gebruiken, moet je toestemming hebben van de uitgever. Hier bleken toch wel hoge kosten aan verbonden, dus ik heb ervoor gekozen de tekst niet op de quilt te zetten.
Daarnaast bleek – na het sparren met mijn maatje – dat de quilt eigenlijk meer over mijn jeugd zou moeten gaan dan over dit ene specifieke gedicht.

Een andere insteek dus.
Behalve de uil met zeven zuurtjes, zullen waarschijnlijk ook Paultje met het paarse krijtje, het Koekemannetje, de drie paardjes en Paulus de boskabouter een rol gaan spelen. Ook het stoeltje dat altijd bij ons thuis stond (door mijn grootvader voor mijn grootmoeder gemaakt) zal waarschijnlijk een plaatsje krijgen.

Alle onderwerpen die op de lap terecht zullen komen, zullen als ‘boek’ op een plankje komen te staan.

De ondergrond.

Mijn plan is om de quilt 18×24 vierkantjes groot te maken. Elk vierkantje is 1,5 inch.
Dat maakt de maat 27×36 inch (67,5×90 cm). Daar zullen de randen nog omheen komen. Geschatte maat wordt 90×110 cm.

De rode bedjes

Mijn vader heeft, toen wij kleuters waren, rode stapelbedjes voor ons gemaakt van balkjes en hardboard. Later, toen de kleinkinderen erin pasten, heeft mijn oudste zus de bedjes opnieuw geschilderd en nieuwe lakentjes gemaakt van een koningsblauwe treintjesstof. Van die stof heb ik nog een stukje liggen. Dat ga ik gebruiken. Het wordt een boekensteuntje.

De uil met zeven zuurtjes

Nu “de uil met zeven zuurtjes”, daar was het ‘van tekst naar quilt’ project mee begonnen. Applicatiewerk aangevuld met borduurwerk. De zuurtjes hebben lintjes als papiertjes.

Het bruine stoeltje

Het stoeltje is in de jaren 30 van de 20e eeuw door mijn grootvader gemaakt voor mijn grootmoeder. Het is een laag, klein stoeltje, waar wel een volwassene in past, maar die moet dan erg door de knieën.
In mijn jeugd heb ik eindeloos in dit stoeltje zitten lezen.
Een jaar of vijf geleden heb ik het stoeltje laten restaureren, het is weer als nieuw en staat bij mij in de woonkamer.
Bij de verwerking op de quilt heb ik besloten de tientallen nageltjes niet toe te voegen.

De drie paardjes

Een boek dat ook werd stukgelezen in mijn jeugd, was ‘De drie paardjes’ van Piet Worm. Een voorleesboek over drie paardjes, met prachtige tekeningen. Een sfeerboek, waarbij de paardjes zich verkleden als prinsesjes. Iedereen trapt er in. Tot ze worden ontmaskerd en in de gevangenis terecht komen. Uiteindelijk ontfermen drie echte prinsesjes zich over de paardjes. Eind goed, al goed. De charme van dit boek lag voor mij destijds ook bij het buitengewone model, 18×44 cm. Het boek ligt hier nog in de kast.

Het koekemannetje

Het koekemannetje was ook al een boek waar wij als kinderen geen genoeg van konden krijgen. Een mannetje van koek dat op de loop gaat. Hij wil niet opgegeten worden. Het uiteindelijk lot is natuurlijk bepaald.

‘Ik ben niet bang voor de oude man, ik ben niet bang voor de oude vrouw en ik ben ook niet bang voor jou.
En hij liep en hij liep en hij liep…’

Bulletje en bonestaak

Bulletje en Bonestaak zijn twee tieners, wier vaders werken op de grote vaart. Op een dag besluiten ze niet naar school te gaan, maar als verstekeling mee te varen op de boot van hun vaders. In de boekjes de hierop volgende spannende belevenissen van beide knapen. Eén van de eerste stripverhalen (1922-1937) die in kranten verscheen.
Boekjes waarvan ik als (zeer braaf) kind erg heb genoten.

Voor een korte impressie van de stijl kan je hier terecht: www.dbnl.org

Paulus de boskabouter

Een serie waar ik als kind erg van genoten heb, was Paulus de boskabouter.
Alle belevenissen van Paulus met Oehoeboeroe de uil, Gregorius de das, Salomo de raaf, Eucalypta de heks en Krakras het hulpje van Eucalypta.

Paultje en het paarse krijtje

Een heel leuk boekje uit mijn jeugd was Paultje en het paarse krijtje. Een sprookjesachtig verhaal over een kind met een krijtje, die daarmee zijn wereld tekent. Wát Paultje tekent is de realiteit. Een zeer maakbare wereld. Het boekje is stukgelezen.

Titel van de quilt

Zoals ik aan het begin van dit verhaal al meldde, is mijn standpunt over wat er op de quilt komt te staan, gewijzigd.
De titel zal ‘jeugdherinneringen’ zijn.
Dit heb ik bovenaan de quilt in schaduwletters geborduurd.

Spanderswoud

Toen ik een kind was gingen we regelmatig met mijn moeder naar het bos, het Spanderswoud.
Met name in de herfst was dat een feest. Kastanjes, eikels, beukenootjes, herfstblad. We maakten elk jaar een herfsttafel in de hal, ook paddestoelen vonden hier een plekje. Anno nu zou niemand dat meer doen, maar in de jaren 60 van de vorige eeuw was dat helemaal niet raar.

Paddestoelen in het bos


Keltisch

De uitdaging voor 1 maart 2024 is:
Keltisch met een omtrek van 200 cm.

Dit thema heb ik zelf op de agenda gezet, mijn bedoeling was om er een totaal nieuwe quilt voor te maken. De tijd haalt me in. Ik heb me veel werk op de hals gehaald met het project ‘van tekst naar quilt’ van het Quiltersgilde.

Gelukkig heb ik boven nog een triskelion liggen, die kan ik er voor gebruiken. Gemaakt in 2017 ligt deze – doelloos, slechts een top – in de kast. Gemaakt als cursusvoorbeeld voor de workshop Tiffany.

Meten is weten.
Het makkelijkst is natuurlijk hem vierkant te maken. Tussen de buitenranden (zodat het roze en groen allemaal te zien is) is het 52 cm. Een vierkant gaat het niet worden, de buitenmaat mag niet meer zijn dan 200 cm.
Tweede mogelijkheid: een ronde quilt. Als het geheel een cirkel wordt, moet – om de omtrek 200 cm te krijgen – de diameter 64 cm zijn, dat zou net kunnen. Er blijft dan helemaal niets over. Maar… dan wordt de quilt rond, daar heb ik geen zin in.
Een derde optie is om het geheel in een zeshoek te plaatsen. Met een beetje rekenwerk: dat moet gaan lukken. Buiten de cirkel komt een blauwe rand die op de smalste stukken 3 cm breed is. Dat ziet er goed uit, die zeshoek. Nu nog een beetje denkwerk hoe ik die hoeken ga afwerken alsof het altijd zo geweest heeft moeten zijn.

Ik denk dat het beter is om de smalste rand 6 mm breed te maken. Dan is de blauwe rand voldoende en hoef ik geen extra pas-stukjes toe te voegen. Dan ziet het er minder uit als knip- en plakwerk.
Ik heb nog een mooie donkerrode fossil fern liggen, die past er perfect bij.
Eén van de drie erbij liggende stofjes ga ik gebruiken als bies.

Niets zo veranderlijk als de mens. De blauwe en de gifgroene stof gaan geen enkele rol meer spelen. De donkerrode fossil zal de rand vormen en wordt gebruikt om het quiltje af te biezen.
De 200 cm omtrek heb ik losgelaten, er zou dan zo’n smal randje donkerrood om de quilt komen, dat het evenwicht zoek is.
Een 7 cm brede donkerrode rand gaat het werk doen. In die rand een door mezelf getekende keltische knoop gequilt.

Het eindresultaat.

Sneeuwvlok

In september 2021 heb ik dit mooie patroon gekocht bij ‘Eye of the Beholder quiltdesign‘. Sindsdien sleep ik dit project met me mee naar allerlei handwerkochtenden/middagen. Nu is het eindelijk af.
Reverse applique, needleturn. Het midden met de hand doorgequilt, de rand machinaal. 76×76 cm.

Het waait!

Het thema van ‘De Uitdaging’ voor 1 december is ‘Wind’.
Hoogte 40 cm, breedte 60 cm. Dat zijn de beperkingen.

De volgorde van werken, van ontwerp tot eindresultaat
Voor mij is het plaatje dat bij wind hoort, een zeilschip met een fikse wind in de zeilen.
Mooie wilde wateren horen daarbij.
Voor het water heb ik me laten inspireren door Ineke Berlijn, het boek Landschappen.
Een schets op een klein stukje papier is snel gemaakt.

Schetsje op een boodschappenbriefje.

Ik ben opgegroeid in Bussum, vlak bij de Loosdrechtse en Kortenhoefse plassen. Daarnaast ook dicht bij de tegenwoordige Gooi-meren.
Mijn ouders hielden van varen. Mijn vader begon met het bouwen van een simpele kano, daarna een Canadese kano. Hij kon er geen genoeg van krijgen en bouwde een Flits, een tweepersoons zeilbootje. Daar heb ik – met mijn oudste broer Joost – veel in gezeild.
Mijn vader vond het nog niet genoeg en bouwde een kajuit-jacht, daar hebben mijn ouders vele tochten mee gemaakt. Ten leste heeft hij een casco gekocht van een Grundel (een platbodem), waarvan hij de gehele opbouw heeft gedaan. Als puber heb ik dit schip geschilderd – een vakantiebaantje.

Eerst maar eens een tekening op ware grootte maken. Dan kan ik de mallen zo overtrekken op freezer paper.

De ondergrond voor de boot. Water en lucht.

Het water en de lucht zijn klaar. Grote golven en een dreigende lucht daarboven.
Het water-lucht plan is gelukt.
Allemaal lapjes uit de voorraad, toch wel weer een leuke prestatie.
Nu het zeilschip nog.

Een ‘gelikte’ tekening van een snel zeilschip vind ik met google, een royalty free afbeelding. Een schip met snelheid, dat hoort bij wind.

De top is klaar.

Het schip zeilt op het water, je ziet de snelheid in de golven. Misschien nog wat vogels in de lucht plaatsen aan de linkerkant.

Afvalbakje met uitgehaalde draden van het metallic garen.

Het water is doorgequilt met metallic garen. Dat is geen fijn garen om mee te werken. Er komt veel materiaal in het afvalbakje terecht.

detailfoto

Het resultaat is heel sprankelend. Dat is helaas niet op een foto weer te geven, daarvoor moet je de quilt in het echt zien.

Sleutelgat

Afgelopen juni ben ik lid geworden van Quiltgroep De Uitdaging.
Vier maal per jaar een klein quiltje maken met een door één van de leden gegeven thema.
Het eerste thema is ‘Vrij’.
De maat mag ik zelf bedenken, ik krijg 10 materialen (stoffen, kraaltjes, ringetjes, linnen garens) toegestuurd, waarvan ik er minimaal 6 in het quiltje moet gebruiken.
47×71 cm.

Vrijheid bestaat als tegenovergestelde van onvrijheid. In deze quilt zijn deze tegenstellingen verbeeld. De onvrije kijkt door het sleutelgat naar de vrijheid. Voor ieder heeft dat een andere invulling.

Een kat komt altijd op zijn pootjes terecht

Ongeveer 30 jaar geleden heb ik deze katten geborduurd. Ze waren ingelijst door ze om stukjes triplex te spannen met latjes van de bouwmarkt als lijst. De mooiheid was er wel af, sommige latjes waren verdwenen, de borduurwerken waren niet meer schoon. Sinds onze verhuizing in 2016 stonden ze op zolder, in ons nieuwe huis hingen ze niet meer aan de muur.
Een poosje geleden kwam ik ze weer tegen en besloot om ze in een quilt te verwerken. Ik heb ze netjes van het triplex afgepeuterd en in de wasmachine gestopt. De prachtige randstof vond ik op de patchwork en quiltdagen in Rijswijk en is van ontwerper Tim Holtz.
90×132 cm.

Verbinding

Ineke was voor mij een thuiskomen. Als ik haar tegenkwam, gingen we altijd vanzelf verder waar we gebleven waren.
Zeker 10 jaar geleden kreeg ze kanker en vroeg mij een patroontje dat weinig inspanning kostte om te maken tijdens de behandelingen. De geborduurde lapjes heeft ze altijd bewaard, de verwerking van het leed.
In september 2021 was de kanker terug. Bestraling en chemo volgden, maar zorgden er helaas niet voor het gewenste resultaat. Het laatste jaar ben ik een aantal malen bij haar op bezoek geweest, verder waar we gebleven waren. We constateerden dat er een olifant in de kamer stond, maar we negeerden deze. Het waren bijzonder mooie momenten.
In mei 2022 gaf ze me een tas vol – voornamelijk blauwe – stofjes, quilten ging niet meer. In juli besloot ze te stoppen met alle behandelingen, met het onvermijdelijke einde in december.
De gekregen stoffen heb ik gecombineerd met mijn eigen stoffen. De handen staan voor de verbinding tussen ons beiden.
93×152 cm.

Breitas

Na zeker dertig jaar heeft mijn oude breitas het begeven. Nu een nieuwe gemaakt, groot genoeg om alles voor het breien van een volwassen trui of vest, te herbergen. Als vulling heb ik Vlieseline Stylevil gebruikt, dus hij blijft mooi rechtop staan. De komende vakantie gaat hij mee, gevuld met wol, patroon en alle bijbehorende dingetjes.